De techniek; hoe het begon
Ooit, heel lang geleden deed ik een cursus keramiek en, hoewel het met glazuur beschilderen van de gemaakte potten en schalen mij de meeste voldoening gaf, ging het draaien mij eveneens goed af. Zo begon ik nu, iets meer dan een jaar geleden, opnieuw aan een all-round cursus met vooral ‘draaien’ in mijn hoofd. Dat ging dit keer echter helemaal niet naar wens en ook de glazuurkleuren werden niet wat ik dacht. Dat wat mijn ‘ultieme pot’ had moeten worden verliet de oven als een gedrocht in ‘poep’ kleuren.
Het duurde daarom een tijd voordat ik de draad weer oppakte in februari 2024. Nog steeds met dat idee van ‘draaien’ in mijn hoofd en ik begon dan ook met het bekijken van YouTube filmpjes van maestro draaiers die leken te toveren met klei. Niet bepaald aanmoedigend, desondanks deed ik een nieuwe poging. Maar de klei slingerde op de schijf alle kanten uit en toen iemand mij zei dat Japanse keramisten soms wel een jaar doen over het alleen al centreren van de klei, zonk mij wat dat betreft de moed in de schoenen. Natuurlijk had ik best nog even door kunnen zetten, of nog een draaicursus kunnen volgen, maar ik ontdekte iets anders.
Al snel bleek wat er zoal aan ‘groots’ mogelijk is met het in plakken uitrollen van de klei en met mallen, temeer omdat ik ook niet wilde blijven steken in de kleine potjes, kopjes en schoteltjes. Liever maak ik grotere objecten waar ik ook ruim op kan ‘schilderen’. Hoewel dat schilderen vaak ook een toevalstreffer is, want het glazuur doet nou eenmaal wat het wil, afhankelijk van de wijze van opbrengen, de hoeveelheid lagen en de temperaturen… Daarom dacht ik veiliger te kunnen werken met engobes (gekleurde klei). Daarvan worden de kleuren echter pas levendig als je over de engobe een transparant glazuur zet en ook dan is het resultaat nog onzeker omdat het lastig is een kleur mooi dekkend te krijgen…
… en hoe het verder ging
Het bleef uitproberen, maar al snel kwam ik er achter dat de eerdere ‘poep’ kleuren niet te maken hadden met mijn glazuur of met de temperatuur van de oven, maar met de klei. Voor een cursus gebruikt men gerecycelde, troebele kei, terwijl de gekochte klei een mooie lichte ondergrond geeft waarop alle kleuren schitteren, mits goed, in lagen aangebracht. Zo ging het klei- en glazuuravontuur verder tot ik enigszins wist wat ik deed. Daarnaast ontdekte ik ook nog de zwarte klei die heel anders aanvoelt en weer andere mogelijkheden geeft.
Duidelijk mag zijn dat de ontdekkingen op het gebied van de keramiek nog lang niet ten einde zijn, wat misschien ook nooit het geval is en wat het spannend houdt.
Van de serie ‘Afrika’ zijn de (meeste) werken te koop en/of op bestelling te leveren. Zie hiervoor het menu.